Onze ogen beter leren kennen

Partager

Hoewel het menselijk oog veel complexer is dan welke door de mens gemaakte machine dan ook, kan het in principe vergeleken worden met een fototoestel.

the-eye-is-like-a-camera

Licht dat van buiten komt, komt via de pupil in het oog. De pupil past zich aan het helderheidsniveau van de omgeving aan, door in grootte te variëren om meer of minder licht in het oog te laten komen.

Aan de achterkant van het oog fungeert het netvlies als de beeldsensor. Het oppervlak ervan is bedekt met ongeveer 120 miljoen fotoreceptorcellen die op lichtintensiteit reageren – staafjes genoemd – en 6 miljoen cellen die ons in staat stellen kleuren te zien – kegeltjes genoemd.

Het licht bereikt het netvlies via de ooglens, die het equivalent is van de lens in een fototoestel. Wanneer de lens goed gevormd is en past bij de lengte van het oog, resulteert een nauwkeurige scherpstelling op het netvlies in een helder beeld.

Om de ooglens heen zitten spiertjes die de lens zelf kunnen buigen. Hierdoor kan het oog op korte afstanden scherpstellen.

Een normaal oog kan zonder spierinspanning in de verte zien, maar bij het kijken op korte afstand worden deze spieren voortdurend samengetrokken. Probeert u maar eens een macro-foto te maken met de camera van uw telefoon: soms heeft hij moeite om onderwerpen van dichtbij goed scherp te stellen. Onze ogen verschillen daarin niet.

Het normale oog kan makkelijk scherpstellen, zowel voor veraf als voor dichtbij.

  • Zien op afstand doet u bij autorijden, tv-kijken of naar een schoolbord kijken
  • Dichtbij zien doet u bij lezen, werken op een computer of scrollen op een telefoon: u krijgt er geen vermoeide ogen van.

Het oog verandert de algemene kracht wanneer u dichtbij moet kijken. Dit wordt accommodatie genoemd.

De extra kracht komt van de ooglens. Hij wordt dikker, waardoor de kromming verandert, om hem sterker te maken.

Houd een stuk papier zo dicht mogelijk bij uw gezicht terwijl u het papier scherp probeert te blijven zien. Wat u voelt is dat de lens hard werkt (met andere woorden, accommodeert) om extra sterk te worden.